ECLI:NL:RVS:2018:506
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling belanghebbende en afwijzing verzoek woonerfaanduiding Julianadorp
Appellante verzocht het college van burgemeester en wethouders van Den Helder om een verkeersbesluit te nemen tot aanwijzing van een locatie in Julianadorp als woonerf. Het college weigerde dit, omdat de weg niet voldeed aan de inrichtingseisen en herinrichting alleen bij groot onderhoud mogelijk was. De rechtbank verklaarde appellante niet-ontvankelijk in bezwaar, omdat zij geen belanghebbende zou zijn.
De Raad van State oordeelde anders en stelde vast dat appellante als direct aan de weg wonende een bijzonder, individueel belang heeft bij het besluit, waarmee zij zich onderscheidt van andere weggebruikers. Hierdoor is zij belanghebbende en ontvankelijk in beroep.
De Raad toetste vervolgens de belangenafweging van het college en vond dat het college redelijk heeft geoordeeld dat de huidige inrichting en de gemeten snelheden geen onmiddellijke aanwijzing als woonerf rechtvaardigen. De hoge kosten van herinrichting zijn een legitiem belang. Het beroep van appellante tegen het besluit van het college werd daarom ongegrond verklaard.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en bepaalde dat appellante het betaalde griffierecht wordt terugbetaald. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van het college wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot aanwijzing van een woonerf wordt afgewezen.