ECLI:NL:RVS:2018:1502
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- A.B.M. Hent
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens misbruik van recht bij Wob-verzoek
Wederpartij diende een omvangrijk en onduidelijk Wob-verzoek in bij het college van burgemeester en wethouders van Berg en Dal, gericht op informatie over IT-voorzieningen van de gemeente. Het college weigerde aanvankelijk openbaarmaking van bepaalde documenten, waarna bezwaar en beroep volgden. De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van misbruik van recht en kende een dwangsom en proceskostenvergoeding toe.
Het college stelde in hoger beroep dat het beroep onontvankelijk moest worden verklaard wegens misbruik van recht, omdat het Wob-verzoek en de daarop volgende procedures waren gericht op het incasseren van dwangsommen en proceskostenvergoedingen, niet op het verkrijgen van informatie. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het verzoek bij tientallen gemeenten was ingediend, dat de gemachtigde van wederpartij intensief betrokken was bij de organisatie en uitvoering van het verzoek en dat de website waarop de informatie zou worden gepubliceerd nauwelijks inhoudelijke waarde had.
Verder bleek dat wederpartij zich in een schuldsaneringstraject bevond en waarschijnlijk niet zelf de kosten betaalde, maar dat de proceskostenvergoedingen en dwangsommen ten goede kwamen aan zijn gemachtigde. Ook werden ruime machtigingen aan de gemachtigde verleend, waardoor deze zelfstandig kon procederen. De Afdeling concludeerde dat het recht om Wob-verzoeken in te dienen en beroep te voeren zonder redelijk doel en met kwade trouw was gebruikt, en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Tevens werd wederpartij veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht en wederpartij wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.