ECLI:NL:RVS:2017:448
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel en weigering toepassing artikel 64 Vreemdelingenwet
De staatssecretaris heeft op 14 oktober 2015 besluiten genomen waarbij aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd zijn afgewezen, evenals ambtshalve weigeringen om een verblijfsvergunning regulier te verlenen en om uitzetting achterwege te laten op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank had deze besluiten vernietigd en de staatssecretaris opgedragen nieuwe besluiten te nemen.
De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat hij de twijfel aan de juistheid van het individueel ambtsbericht, dat ten grondslag lag aan de besluiten, had weggenomen met een brief van de minister van Buitenlandse Zaken. De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris deze twijfel terecht had weggenomen en vernietigde de uitspraak van de rechtbank.
De vreemdelingen voerden onder meer aan dat hun asielrelaas geloofwaardig was en dat de medische situatie van vreemdeling 1 uitzetting in de weg stond. De Raad van State oordeelde dat het ambtsbericht als deskundigenadvies op objectieve wijze was opgesteld en dat de vreemdelingen onvoldoende concrete aanknopingspunten hadden gegeven om dit te weerleggen. Ook was er geen reden om af te wijken van het standpunt dat medische behandeling in Armenië mogelijk is. De beroepen van de vreemdelingen werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen worden ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.