ECLI:NL:RVS:2017:1744
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vaststelling vestigingsalternatief Bagdad voor soennitische asielzoeker uit Mosul
De staatssecretaris wees de aanvraag van de vreemdeling, afkomstig uit Mosul, af vanwege het bestaan van een vestigingsalternatief in Bagdad. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, stellende dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat Bagdad als vestigingsalternatief kon gelden.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld over de toegang tot Bagdad en de vestigingsmogelijkheden aldaar. Uit het ambtsbericht van 2016 en rapporten van de UNHCR blijkt niet dat de veiligheidssituatie voor soennitische ontheemden in Bagdad significant is verslechterd. De registratievoorwaarden voor toegang tot Bagdad zijn administratief van aard en niet onoverkomelijk.
De vreemdeling heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij in Bagdad een gegronde vrees voor vervolging of ernstig risico loopt, ook niet vanwege zijn vaders verleden. Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning bevestigd.