ECLI:NL:RVS:2014:789
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- N.S.J. Koeman
- R. Uylenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing vergoeding proceskosten na invordering dwangsommen North Refinery
North Refinery exploiteert een afvalverwerkingsbedrijf en kreeg een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van de Verordening (EG) 1013/2006 en de Wet milieubeheer. De staatssecretaris vorderde dwangsommen in verband met geconstateerde overtredingen bij controles in 2012. North Refinery maakte bezwaar tegen deze invorderingen, waarvan drie besluiten werden herroepen wegens onvoldoende bewijs van overtreding.
De staatssecretaris weigerde vergoeding van proceskosten die North Refinery had gemaakt bij de bezwaarprocedure. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de herroeping van de invorderingsbeschikkingen wegens onrechtmatigheid aan de staatssecretaris te wijten was, omdat hij onvoldoende zorgvuldig onderzoek had gedaan naar administratieve gegevens die de vermeende overtredingen konden weerleggen.
Het beroep tegen het handhaven van één invorderingsbeschikking werd niet-ontvankelijk verklaard wegens verjaring van de invorderingsbevoegdheid. Voor het overige werd het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd voor zover het de afwijzing van de vergoeding van proceskosten betrof. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk voor het handhaven van één invorderingsbeschikking wegens verjaring, maar gegrond voor het overige; het besluit tot afwijzing van proceskostenvergoeding wordt vernietigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.