ECLI:NL:RVS:2014:2884
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing naturalisatieverzoek wegens onvoldoende bewijs identiteit en nationaliteit
Appellant verzocht om het Nederlanderschap, maar zijn verzoek werd door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties afgewezen wegens onvoldoende vaststelling van zijn identiteit en nationaliteit. Appellant had geen gelegaliseerde geboorteakte of geldig buitenlands reisdocument overgelegd, wat volgens de geldende regels vereist is.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde. Tijdens de procedure stelde appellant dat de staatssecretaris ten onrechte geen rekening had gehouden met aanvullende documenten en dat het besluit op bezwaar niet rechtsgeldig was vanwege het ontbreken van een handtekening. Deze bezwaren werden verworpen omdat het besluit rechtskracht had en de aanvullende stukken niet voldeden aan de bewijsvereisten.
De Afdeling overwoog dat de staatssecretaris bevoegd is om bewijs van identiteit en nationaliteit te verlangen volgens de Rijkswet op het Nederlanderschap en het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap. Appellant kon niet aantonen dat hij in bewijsnood verkeerde, noch dat hij niet naar China kon reizen om de benodigde documenten te verkrijgen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd.