ECLI:NL:RVS:2013:BZ7568
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- P. Klein
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank wegens onbevoegdheid inzake niet tijdig genomen besluit op dossierverzoek
De zaak betreft een hoger beroep van de minister van Buitenlandse Zaken tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage van 4 juli 2012. De rechtbank had geoordeeld dat de minister niet tijdig een besluit had genomen op het verzoek van [wederpartij] om toezending van dossierstukken en stelde een dwangsom vast.
De minister betoogde dat het verzoek van [wederpartij] niet als een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kon worden aangemerkt, omdat het verzoek was gebaseerd op artikel 7:4, vierde lid, Awb en niet op artikel 35 van Pro de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat sprake was van een besluit in de zin van de Awb en dat het verzoek niet kon worden gelijkgesteld aan een aanvraag.
De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde de rechtbank onbevoegd om van het beroep kennis te nemen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart de rechtbank onbevoegd om van het beroep kennis te nemen.