Uitspraak
201010918/1/H2) volgt uit artikel 18 van Pro de Awir, gelezen in samenhang met artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wko, dat degene die kinderopvangtoeslag ontvangt moet kunnen aantonen dat hij kosten voor kinderopvang heeft gemaakt en wat de hoogte is van deze kosten. De Belastingdienst was dan ook bevoegd om gegevens te vragen waaruit blijkt welke bedragen [wederpartij] heeft betaald aan de gastouder. De rechtbank heeft dit niet onderkend.