Uitspraak
hersteluitspraak van 17 december 2025 in de zaak tussen
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende
de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur,
de Staat der Nederlanden (de Minister van Justitie en Veiligheid), de Staat.
Overwegingen
5.2. Deze zaken zijn op de zitting gelijktijdig, maar niet gevoegd, behandeld met een andere zaak van belanghebbende (zaaknummer 23/9366). In elk van deze zaken bestaat aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De rechtbank stelt vast dat deze zaken in de beroepsfase alle hetzelfde geschilpunt betreffen, in elk van de zaken rechtsbijstand is verleend door dezelfde gemachtigde en de werkzaamheden in elke zaak (nagenoeg) identiek zijn geweest. De rechtbank ziet daarom aanleiding deze drie gelijktijdig behandelde zaken aan te merken als samenhangend. [1] Dit brengt mee dat de proceskostenvergoeding moet worden verdeeld over de samenhangende zaken.
- veroordeelt de Staat tot betaling van € 151,17 aan proceskosten aan belanghebbende;