ECLI:NL:RBSGR:2012:BX2201
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Boete opgelegd wegens niet afsluiten zorgverzekering volgens Zorgverzekeringswet onterecht
Eiser kreeg een boete opgelegd omdat hij niet binnen drie maanden na een aanmaningsbrief een zorgverzekering volgens de Zorgverzekeringswet (Zvw) had afgesloten. Eiser stelde dat hij verzekerd was via een Engelse zorgverzekering bij BUPA en later een 'dormant' verzekering bij een Nederlandse verzekeraar had afgesloten, maar feitelijk alleen bij BUPA ziektekosten declareerde.
Verweerder stelde dat de verzekering bij BUPA geen zorgverzekering in de zin van de Zvw was, mede omdat BUPA zich niet had gemeld bij de zorgautoriteit zoals artikel 25 Zvw Pro voorschrijft. De rechtbank oordeelde dat deze meldingsplicht geen toetredingsvoorwaarde is en dat het aan de inhoud van de verzekering is om te bepalen of sprake is van een zorgverzekering volgens de Zvw.
Omdat verweerder niet had onderzocht of de verzekering van eiser aan de wettelijke eisen voldeed en eiser niet duidelijk was gemaakt waarom de verzekering niet voldeed, was de boete onterecht opgelegd. De rechtbank vernietigde het besluit en herroept het primaire besluit, waarbij verweerder het griffierecht aan eiser moet vergoeden.
Uitkomst: De boete wegens het niet afsluiten van een zorgverzekering volgens de Zvw wordt vernietigd omdat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de geldigheid van de buitenlandse verzekering van eiser.