ECLI:NL:RBSGR:2007:BB0334
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen vrouwelijke zelfstandigen inzake zwangerschapsuitkering na afschaffing WAZ
Deze civiele procedure betreft de aanspraken van vrouwelijke zelfstandige ondernemers en beroepsbeoefenaren op een uitkering in verband met zwangerschap en bevalling. Eiseressen, vertegenwoordigd door FNV c.s., stelden dat de Staat onrechtmatig handelt door met de Wet einde toegang verzekering WAZ het recht op een dergelijke uitkering te beëindigen.
De rechtbank onderzocht of deze wet in strijd is met de Zelfstandigenrichtlijn en het VN-Vrouwenverdrag. De Zelfstandigenrichtlijn verplicht lidstaten slechts tot onderzoek naar mogelijke voorzieningen voor vrouwelijke zelfstandigen, maar legt geen verplichting op tot het instellen van een publiek uitkeringsstelsel. De rechtbank concludeerde dat de wetgever beleidsvrijheid heeft en dat de afschaffing van de uitkering niet in strijd is met deze richtlijn.
Ten aanzien van het VN-Vrouwenverdrag oordeelde de rechtbank dat artikel 11 lid 2 onder Pro b een instructienorm is zonder directe werking, en dat deze bepaling zich primair richt op vrouwen in loondienst. Hierdoor kon de vordering niet op dit verdrag worden gebaseerd.
De rechtbank wees de vorderingen af en veroordeelde FNV c.s. in de proceskosten. Dit vonnis bevestigt de beleidsvrijheid van de wetgever bij sociale zekerheidsregelingen voor zelfstandigen en benadrukt het toetsingsverbod van de Grondwet ten aanzien van wetten in formele zin.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen af en veroordeelt FNV c.s. in de proceskosten.