Uitspraak
1.De procedure
- Het proces-verbaal van de verificatievergadering van donderdag 6 juli 2017 in de zaak C/08/204451 / HA ZA 17-318 waarin de rechter-commissaris partijen heeft verwezen naar de terechtzitting van deze rechtbank van woensdag 23 augustus 2017 wegens betwisting door de curator van de preferentie van de vordering van het UWV.
- De conclusie van eis tot verificatie, tevens incidentele conclusie tot voeging.
- Het antwoord in het incident tot voeging.
- Conclusie van antwoord in de hoofdzaak
2.Waarvan kan worden uitgegaan in beide zaken
3.Het geschil
(1927), p. 93, met verdere verwijzingen. Wel is het zo dat een afgescheiden vermogen in een aantal opzichten met een rechtssubject wordt gelijkgesteld. Het door de Hoge Raad genoemde art. 51 Rv Pro en art. 4 lid 3 Fw Pro zijn hiervan goede voorbeelden. Deze (beperkte) gelijkstelling verklaart ook waarom een vof als zodanig failliet kan worden verklaard (vgl. r.o. 3.4.2).”
‘In vennootschappen onder eene firma is elk der vennooten, wegens de verbintenissen der vennootschap, hoofdelijk verbonden.’