ECLI:NL:RBOBR:2019:3333
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toeristenbelasting terecht opgelegd aan exploitant recreatiepark met arbeidsmigrantenverblijf
Eiseres exploiteert een recreatiepark waar onder meer arbeidsmigranten verblijven. Verweerder legde voor het jaar 2015 een aanslag toeristenbelasting op, welke eiseres betwistte. De rechtbank overwoog dat eiseres als verhuurder en dienstverlener aan de arbeidsmigranten moet worden aangemerkt als degene die verblijf biedt tegen vergoeding, en daarmee belastingplichtig is.
Eiseres stelde dat het uitzendbureau als feitelijke verblijfsaanbieder moet worden gezien en dat er sprake is van samenloop met de forensenbelasting, waardoor vrijstelling zou gelden. De rechtbank verwierp deze stellingen omdat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de arbeidsmigranten meer dan 90 dagen een gemeubileerde woning voor zichzelf of hun gezin beschikbaar houden.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat de stellingen over ambtshalve inschrijving in de BRP en de verwijzingen naar andere jurisprudentie niet relevant zijn voor de belastingplicht. Ook de aangevoerde beginselen van behoorlijk bestuur werden niet als strijdig met het besluit beoordeeld. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De aanslag toeristenbelasting is terecht opgelegd aan eiseres; het beroep wordt ongegrond verklaard.