Uitspraak
de inspecteur van de Belastingdienst/Limburg, kantoor Maastricht, aangeduid als verweerder.
Ontstaan en loop van de gedingen
2.Tussen partijen vaststaande feiten
Rb: huisnummer 21) achtenveertigduizend euro (€ 48.000,00) per jaar en voor het registergoed vermeld onder 2. (
Rb: huisnummer 23) vijfenveertigduizend euro (€ 45.000,00) per jaar.
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
3. Leningen in verband met de eigen woning
BNB2005/135 tot en met 2005/137) en 24 februari 2006, nrs. 39 961, 40 011 en 41 166 (
BNB2006/207 tot en met 2006/209) arresten gewezen over de behandeling van rente van schulden die betrekking hebben op de eigen woning. De arresten die betrekking hebben op de Wet IB 1964 acht ik ook van toepassing op de Wet IB 2001. Hierna geef ik aan op welke wijze in de praktijk uitvoering aan de arresten moet worden gegeven.
5.Proceskosten
6.Beslissing
- verklaart het beroep van eiser wegens het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar niet-ontvankelijk;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser ten bedrage van € 236, en
- verklaart de beroepen voor het overige ongegrond.