ECLI:NL:RBGEL:2026:335
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvragen voor persoonsgebonden budget op grond van de Jeugdwet
In deze uitspraak van de Rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, wordt het beroep van eisers tegen de afwijzing van hun aanvragen voor persoonsgebonden budgetten (pgb) op grond van de Jeugdwet (Jw) beoordeeld. De rechtbank oordeelt dat de aanvragen ongegrond zijn, omdat eisers de medewerkingsplicht hebben geschonden zoals vastgelegd in artikel 8.1.2, derde lid, van de Jw. De rechtbank stelt vast dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Doesburg de aanvragen heeft afgewezen op basis van onvoldoende medewerking van eisers aan het onderzoek van het Jeugdteam. Dit onderzoek was noodzakelijk om te bepalen of er een noodzaak voor jeugdhulp bestond en in welke vorm deze hulp verleend zou moeten worden. De rechtbank concludeert dat het college terecht heeft gesteld dat zonder de gevraagde medewerking, het niet mogelijk was om de noodzaak van jeugdhulp vast te stellen. De rechtbank wijst erop dat de medewerkingsplicht niet absoluut is, maar dat in dit geval de weigering van eisers om mee te werken aan het onderzoek het college heeft belet om een weloverwogen beslissing te nemen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de aanvragen voor pgb.