ECLI:NL:RBDHA:2026:11478
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Frankrijk
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielverzoek op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank heeft het beroep behandeld, ondanks dat eiser en zijn gemachtigde niet verschenen, en concludeert dat eiser nog procesbelang heeft. De minister heeft een verzoek tot terugname bij Frankrijk ingediend, dat op 17 december 2025 is aanvaard. Eiser betoogt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet toegepast mag worden vanwege structurele tekortkomingen in de Franse opvang en het risico op onmenselijke behandeling, onderbouwd met het AIDA-rapport 2024.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel, mede gelet op recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Er is onvoldoende bewijs dat de problemen in Frankrijk zodanig ernstig zijn dat overdracht onrechtmatig is. Ook het inreisverbod dat Frankrijk aan eiser heeft opgelegd, staat de overdracht niet in de weg. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft het besluit van de minister.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het besluit om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.