Uitspraak
Scheiding
Beschikking op het op 2 november 2023 ingekomen verzoek van:
[de vrouw] ,
[de man] ,
Procedure
- het verzoekschrift van de vrouw;
- het verweerschrift, tevens zelfstandig verzoekschrift, van de man;
- het verweerschrift van de vrouw tegen de zelfstandige verzoeken van de man;
- het F9-formulier van 14 maart 2024 van de vrouw;
- het F9-formulier van 27 november 2024 van de man;
Feiten
- dat de man met ingang van 1 januari 2024 bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning te [postcode] [plaats 2] , [adres] ;
- dat de man aan de vrouw met ingang van 1 januari 2024 voorlopig een partneralimentatie van € 1.988,-- per maand zal betalen.
Verzoek en verweer
Beoordeling
€ 89.622,--. De man heeft verder nog naar voren gebracht dat de winst in de jaren 2018, 2019 en 2020 aanzienlijk lager was en dat 2021 een uitschieter was, hetgeen er volgens hem voor pleit om van het jaar 2023 uit te gaan. Nu de vrouw ook enkel haar inkomensgegevens over 2023 in het geding heeft gebracht, meent de vrouw volgens de man kennelijk in de basis ook dat van 2023 uitgegaan moet worden. Volgens de man dient bij de berekening van zijn NBI nog rekening gehouden te worden met de aflossing op de zakelijke lening van de man van € 833,-- per maand. Deze aflossing drukt weliswaar niet op de winst, maar beïnvloedt volgens de man wel de vrije kasstromen negatief. Ook moet volgens de man nog rekening gehouden worden met de premie AOV van € 2.375,-- per jaar. Op basis van deze gegevens berekent de man zijn NBI op € 3.982,-- per maand.
€ 15.000,--, aangegaan voor zijn studie geneeskunde. De vrouw betwist dat met deze schulden rekening moet worden gehouden.