Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Syrische nationaliteit dragende persoon, vroeg op 21 oktober 2023 asiel aan in Nederland. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat Bulgarije verantwoordelijk werd geacht, waar eiser op 12 september 2023 al een verzoek om internationale bescherming had ingediend. Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Bulgarije niet geldt vanwege slechte detentieomstandigheden, mishandeling en medische problemen die hij daar ondervond.
De rechtbank overwoog dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel in beginsel geldt voor Bulgarije, zoals bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Eiser moest een hoge drempel van zwaarwegendheid overwinnen om hiervan af te wijken, wat niet is gelukt. De rechtbank vond de door eiser aangevoerde omstandigheden onvoldoende onderbouwd en niet nieuw ten opzichte van eerdere uitspraken.
Ook de medische klachten van eiser werden niet voldoende ondersteund door het overgelegde patiëntendossier. Daarnaast faalde eiser in het aantonen van bijzondere individuele omstandigheden die overdracht aan Bulgarije onevenredig hard maken. Het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening werd daarom verworpen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenvergoeding af. Eiser kan binnen een week hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.