ECLI:NL:RBDHA:2024:22421
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing naturalisatieverzoek wegens onvoldoende bewijs identiteit en nationaliteit
Eiseres heeft een verzoek tot naturalisatie ingediend dat is afgewezen door verweerder wegens het ontbreken van een gelegaliseerde geboorteakte en een geldig paspoort. De rechtbank beoordeelt of deze afwijzing rechtmatig is. Eiseres voerde aan dat zij in bewijsnood verkeert en dat de documenteis niet op haar van toepassing zou moeten zijn vanwege vrijstellingen voor vergelijkbare gevallen, waaronder Ranov-vergunninghouders.
De rechtbank stelt vast dat verweerder bevoegd was de documenteis te stellen en dat de vrijstellingen niet op eiseres van toepassing zijn omdat haar situatie niet vergelijkbaar is met de genoemde groepen. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de gevallen niet gelijk zijn. Ook is niet voldaan aan de vereisten voor bewijsnood, omdat eiseres niet alle mogelijke stappen heeft ondernomen om de benodigde documenten te verkrijgen.
Verder oordeelt de rechtbank dat het besluit niet onevenredig is, gezien het belang van zekerheid over identiteit en nationaliteit bij naturalisatie. De belemmeringen die eiseres ervaart in haar dagelijks leven wegen minder zwaar dan dit belang. De rechtbank ziet geen schending van de hoorplicht omdat geen nieuwe feiten of argumenten zijn aangevoerd die een hoorzitting vereisten.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor de afwijzing van het naturalisatieverzoek blijft staan en eiseres geen griffierecht of proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het naturalisatieverzoek wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van identiteit en nationaliteit.