ECLI:NL:RBDHA:2024:11528
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag Syriër wegens onvoldoende motivering risico terugkeer
Eiser, van Syrische nationaliteit, diende in september 2022 een asielaanvraag in die door verweerder in december 2023 werd afgewezen met een terugkeerbesluit. De rechtbank behandelde het beroep en deed in februari 2024 een tussenuitspraak waarin werd vastgesteld dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met relevante factoren zoals het tijdsverloop sinds de terugkeer in 2016, de omstandigheden van die terugkeer en de huidige situatie.
Verweerder handhaafde de afwijzing in een aanvullend besluit, stellende dat het risico op ernstige schade bij terugkeer beperkt zou zijn vanwege het langdurige verblijf in Syrië en het ontbreken van monitoring door Syrische autoriteiten. Eiser betwistte dit en wees op het beleid en ambtsberichten die een verhoogd risico aannemen bij terugkeer uit Nederland, een land dat door Syrië als vijandig wordt gezien.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom de eerdere terugkeer in 2016 relevant was voor de huidige risicobeoordeling, mede omdat de omstandigheden nu wezenlijk anders zijn. Ook werd het standpunt van verweerder dat eiser geen problemen had ondervonden in Syrië onvoldoende onderbouwd. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en gaf verweerder zes weken om een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens werd eiser een proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen.