ECLI:NL:RBDHA:2022:14753
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM wegens juiste waardebepaling en vergoeding immateriële schade
Eiseres betaalde BPM voor een Mercedes Benz GLE 350D en kreeg een naheffingsaanslag opgelegd door verweerder, gebaseerd op een hogere waardering van de auto door DRZ. Eiseres betwistte de deskundigheid en onafhankelijkheid van DRZ en stelde dat schade niet correct was meegenomen, en dat de historische nieuwprijs onjuist was vastgesteld.
De rechtbank oordeelde dat DRZ als partijdeskundige voldoende deskundig en onafhankelijk was en dat eiseres onvoldoende bewijs leverde voor een hogere schadewaardering dan DRZ had vastgesteld. Wel werd geoordeeld dat de historische nieuwprijs moest worden vastgesteld op basis van de CO2-uitstoot van de auto zelf, waardoor de naheffingsaanslag te hoog was vastgesteld.
De naheffingsaanslag werd verminderd van € 4.062 naar € 3.709 en de rentebeschikking dienovereenkomstig aangepast. Tevens kreeg eiseres een vergoeding van € 500 voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn toegekend, waarvan € 309 door verweerder en € 191 door de Staat te vergoeden. Verweerder werd veroordeeld tot proceskostenvergoeding van € 2.056 en het griffierecht van € 360 aan eiseres te vergoeden.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot € 3.709 en immateriële schadevergoeding van € 500 toegekend wegens termijnoverschrijding.