ECLI:NL:RBDHA:2020:3180
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing sollicitatie wegens niet voldoen aan KMA-opleidingseis voor militaire functie
Verzoeker, militair sinds 1983 en sinds 2019 eerste-luitenant, solliciteerde voor een functie op kapiteinsniveau die uitsluitend openstond voor KMA-opgeleide officieren. Verweerder wees de sollicitatie af omdat verzoeker niet aan deze opleidingseis voldeed en ook niet aan de ervaringseis van minimaal één vervulde functie als luitenant.
Verzoeker stelde dat de nota Loopbaanmogelijkheden een onrechtmatige beperking vormde en dat de vacaturetekst officieren uitloop niet expliciet uitsloot. Hij voerde aan dat zijn ruime ervaring en waarnemingen van hogere functies hem geschikt maakten. De voorzieningenrechter oordeelde dat de nota Loopbaanmogelijkheden niet in strijd is met het AMAR en dat de vacature impliciet officieren uitloop uitsloot, conform vaste jurisprudentie van de CRvB.
De rechtbank benadrukte de discretionaire bevoegdheid van verweerder bij functietoewijzing en stelde dat de belangenafweging niet onredelijk was. De ruime ervaring van verzoeker en specialistische kennis konden niet leiden tot een andere uitkomst. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van verzoeker is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.