ECLI:NL:RBDHA:2014:6033
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag BPM voor ingevoerde personenauto in relatie tot nieuwheid en EU-recht
Eiseres, een BV, heeft aangifte gedaan voor BPM over een Chrysler Sebring die zij op 9 mei 2012 registreerde. Zij berekende de BPM als voor een gebruikte auto, met een vermindering van €5.297. Verweerder legde een naheffingsaanslag op, stellende dat het een nieuwe auto betrof, en handhaafde deze na bezwaar. De rechtbank onderzocht of het systeem van naheffingsaanslagen in strijd is met artikel 110 VWEU Pro en of de auto als nieuw of gebruikt moet worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende had gesteld of bewezen dat het systeem in strijd is met het EU-verdrag, zodat deze grond niet werd behandeld. Vervolgens werd het toetsingskader van de Hoge Raad toegepast, waarin een nieuwe auto wordt gedefinieerd als een auto die na vervaardiging niet of nauwelijks is gebruikt. Gezien de geringe kilometerstand en het ontbreken van gebruikssporen werd de auto als nieuw aangemerkt, ondanks de ouderdom en eerdere registratie in Duitsland.
De rechtbank verwierp het beroep van eiseres en verklaarde het ongegrond. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd gedaan door rechter Lips op 27 maart 2014 en partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag BPM omdat de auto als nieuwe personenauto moet worden aangemerkt.