Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Amtsgericht Heilbronn, Duitsland (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Heropening van het onderzoek voor het stellen van prejudiciële vragen
PbEG2002, L 190/1, zoals gewijzigd bij Kaderbesluit 2009/299/JBZ,
PbEU2009, L 81/24.
Amtsgericht Heilbronn(Duitsland) en strekt tot overlevering ter fine van strafvervolging van de opgeëiste persoon voor de volgende feiten:
- in één geval 500 gram naar [plaats 2]
- in negen gevallen, daaronder op 12.10.2014, telkens 1.000 gram naar [plaats 2]
- in drie gevallen, daaronder op 19.10.2014, telkens 2.000 gram. In één geval werden de verdovende middelen weer naar [plaats 2] gebracht, in de twee andere gevallen, daaronder op 19.10.2014, gebeurde de levering naar Neckarsulm.
- op 01.11.2014 een hoeveelheid van 1.958,75 gram opnieuw naar Neckarsulm.
Amtsgericht Heilbronn. Er is geen aanleiding om de overlevering te weigeren op (één van) de in de artikelen 3 tot en met 4 bis van Kaderbesluit 2002/584/JHA bedoelde gronden. Niettemin ziet de rechtbank zich geconfronteerd met de vraag of zij het EAB ten uitvoer moet leggen, gelet op aard van de (zorg)relatie tussen de opgeëiste persoon en zijn thans dertienjarige dochter, [persoon 3] , die kampt met ernstige gezondheidsproblemen.
Amtsgericht Heilbronnvan 2 mei 2023, waaruit volgt dat de opgeëiste persoon heeft verzocht om intrekking van het nationale aanhoudingsbevel en om een milder alternatief voor het EAB, namelijk een verhoor op basis van een Europees Onderzoeksbevel. Het
Amtsgericht Heilbronnheeft dit verzoek afgewezen. Deze autoriteit heeft daarbij laten weten dat de proportionaliteit van het aanhoudingsbevel reeds eerder is beoordeeld en er daarbij ook rekening is gehouden met de gezondheidssituatie van dochter, terwijl er geen nieuwe omstandigheden zijn die tot een ander perspectief zouden leiden. Met betrekking tot het verzoek om de opgeëiste persoon te ondervragen in het kader van een Europees onderzoeksbevel wordt door het
Amtsgericht Heilbronnverwezen naar het standpunt van het Duitse openbaar ministerie, dat dit niet opportuun heeft geacht.
the Public Prosecutorop 23 februari 2024 het volgende geantwoord:
referring to your emails the judicial authority has told us today that the national and the European arrest warrant will not be cancelled and are therefore still valid.”
the Public Prosecutornog het volgende aangevuld:
yes, thats correct; the public prosecutor‘s office refuses a transfer to the Netherlands (in Germany this is not a decision of court).”
samen metdiens jonge minderjarige kinderen zal worden gedetineerd ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een opgelegde straf en de wijze waarop voor de betreffende kinderen wordt gezorgd in de uitvaardigende lidstaat. In de situatie van voornoemd arrest speelde niet de medische en psychologische problematiek van de dochter die, aldus voornoemde deskundigenrapporten, er aan in de weg staat dat de vader samen met zijn dochter naar Duitsland wordt overgebracht. In zoverre wijkt deze zaak dus af van de casus in het voornoemde arrest. Verder gaat het in de onderhavige situatie om een overleveringsverzoek in het kader van een strafvervolging. Ook in zoverre wijkt deze zaak dus af van de casus in het voornoemde arrest.
Stb. 125, die op 1 april 2021 in werking is getreden. Hieronder valt ook artikel 13 en Pro dit artikel luidt nu zoals opgenomen onder toepasselijke wetsbepalingen (overweging 2.1.3). Artikel 13 Overleveringswet Pro heeft nu een facultatief karakter en de beoordeling of deze weigeringsgrond zal worden toegepast, ligt geheel bij de rechtbank.
3.Slotsom
4.Beslissing
SCHORSThet onderzoek ter zitting voor onbepaalde tijd in afwachting van de uitspraak van het Hof van Justitie.
Deze uitspraak is gedaan door