Conclusie
Nummer 24/01769
Inleiding
Het middel
De processuele gang van zaken
als bestuurder van een motorrijtuig daarmee op een weg rijden zonder dat er voor dat motorrijtuig een verzekering overeenkomstig de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen is gesloten en in stand gehouden” bij verstek is veroordeeld tot hechtenis voor de duur van twee weken en een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van zes maanden.
02-01”en vermelding van parketnummer 96-305026-20, waarop met de hand onder meer zijn genoteerd verdachtes personalia en handtekening.
aan betrokkene 2x gerechtelijke stukken betekend” en “
beide stukken zijn uitgereikt, echter per abuis 1 stuk laten tekenen. Later teruggegaan om 2de stuk te laten tekenen, maar toen bleek betrokkene niet meer thuis. Vader zou 2de stuk aan betrokkene overhandigen.”Achter parketnummer 96-310944-20 is met de hand geschreven “
uitreiking NIP”.
“Ontvankelijkheid van het hoger beroep
Het beoordelingskader
1. Het hoger beroep moet binnen veertien dagen na de einduitspraak worden ingesteld indien:
De dagvaarding of oproeping om op de terechtzitting te verschijnen of de aanzegging of oproeping voor de nadere terechtzitting aan de verdachte in persoon is gedaan of betekend;
de verdachte op de terechtzitting of nadere terechtzitting is verschenen;
zich anderszins een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de dag van de terechtzitting of van de nadere terechtzitting de verdachte tevoren bekend was;
De bespreking van het middel
artikel 408, eerste lid, aanhef en onder a, van het Wetboek van Strafvordering”vermeldt. Dat het vonnis op 2 januari 2023 aan de verdachte in persoon is betekend, heeft het hof ontleend aan de akte van uitreiking en het daaraan gehechte mutatierapport. In het bijzonder heeft het daarbij betrokken dat in het mutatierapport het parketnummer van de onderhavige zaak en een ander parketnummer zijn opgenomen, dat erin staat dat beide gerechtelijke stukken zijn uitgereikt en dat achter het andere parketnummer ‘uitreiking NIP’ is geschreven. Ook heeft het hof overwogen dat de onderhavige zaak een kantonovertreding betreft met een naar haar aard overzichtelijk dossier en dat het niet inziet welk ander gerechtelijk stuk in de zaak dan het vonnis aan de verdachte betekend kan zijn.
gelet op het bepaalde in artikel 408, eerste lid, aanhef en onder a, van het Wetboek van Strafvordering”te laat is ingesteld, getuigt aldus van een onjuiste rechtsopvatting. Voor zover het hof heeft bedoeld dat zich blijkens de akte van uitreiking en het daaraan gehechte mutatierapport een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de einduitspraak de verdachte bekend is in de zin van artikel 408 lid 2 Sv Pro, is dat oordeel gelet op hetgeen onder randnummers 6 en 7 is vooropgesteld onbegrijpelijk. Met het oog op de besluitvorming ten aanzien van het instellen van hoger beroep houden de akte van uitreiking en het mutatierapport namelijk niets meer in dan het parketnummer van de zaak. Evenmin is aan die stukken een mededeling van de uitspraak gehecht, waardoor niet kan worden vastgesteld – zoals het hof heeft gedaan – dat het vonnis aan de verdachte is uitgereikt.