Conclusie
1.Inleiding
2.Het eerste middel
Algemene overweging over de vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde 2] en [benadeelde 3] en wijlen [benadeelde 1]
gerechtshof: feit 3 van de bewezenverklaring) door de drie kinderen van het slachtoffer als schadepost is opgevoerd. De rechtbank heeft geoordeeld dat de schadevergoeding aan de kinderen als erfgenamen gezamenlijk toekomt en heeft vervolgens bepaald dat het bedrag aan weggenomen gelden
gelijkelijk wordt verdeeld onder hen.
dit laatstetot een ander oordeel en sluit zich aan bij hetgeen mr. Spoelstra als advocaat van de benadeelde partijen [benadeelde 2] en [benadeelde 3] hierover heeft aangevoerd bij brief van 8 juli 2024, gericht aan het gerechtshof:
gehelebedrag aan weggenomen gelden toewijzen, met dien verstande dat indien en voor zover de verdachte aan een van de afzonderlijke betalingsverplichtingen ter zake van dit deel van de materiële schade (in totaal € 5.518,95) heeft voldaan, de andere twee vervallen.
€ 32.294,05 (tweeëndertigduizend tweehonderdvierennegentig euro en vijf cent) bestaande uit € 14.794,05 (veertienduizend zevenhonderdvierennegentig euro en vijf cent) materiële schade, waarvan € 5.518,95 toekomt aan de nalatenschap van [slachtoffer] , en € 17.500,00 (zeventienduizend vijfhonderd euro) immateriële schade,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
€ 25.518,95 (vijfentwintigduizend vijfhonderdachttien euro en vijfennegentig cent) bestaande uit € 5.518,95 (vijfduizend vijfhonderdachttien euro en vijfennegentig cent) materiële schade, toekomend aan de nalatenschap van [slachtoffer] , en € 20.000,00 (twintigduizend euro) immateriële schade,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
€ 25.518,95 (vijfentwintigduizend vijfhonderdachttien euro en vijfennegentig cent) bestaande uit € 5.518,95 (vijfduizend vijfhonderdachttien euro en vijfennegentig cent) materiële schade, toekomend aan de nalatenschap van [slachtoffer] , en € 20.000,00 (twintigduizend euro) immateriële schade,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.