Conclusie
Nummer21/05183
Bespreking van het eerste middel
eerstemiddel ziet op de bewijsvoering van feit 5. Het bevat de klacht dat het ‘arrest nietig althans de bewezenverklaring onvoldoende met redenen omkleed’ is omdat het hof heeft overwogen ‘dat het niet anders kan zijn dan dat de geldbedragen onmiddellijk of middellijk uit enig misdrijf afkomstig waren en dat de verdachte dit wist en dat verdachte en zijn partner [betrokkene 1] deze geldbedragen voorhanden hebben gehad en deze geldbedragen telkens zijn omgezet door dit geld aan te wenden voor (onder meer) het betalen van de vaste lasten, aankoop van auto's, aankleding/verbouwing van de woning en het reguliere levensonderhoud’. Uit deze overweging zou bezwaarlijk anders kunnen volgen dan dat volgens het hof ‘de omstandigheid dat verdachte niet zelf bepaalde handelingen heeft verricht maar zijn partner niet aan de bewezenverklaring in de weg staat’. Dat zou in strijd zijn met hetgeen uit het arrest volgt, ‘te weten dat het hof niet bewezen heeft geacht dat verdachte de door een ander, zoals zijn partner [betrokkene 1] verrichte handelingen tezamen en in vereniging met haar heeft verricht.’
28. Het proces-verbaal met betrekking tot het combineren van de aanwezige financiële gegevens inzake [verdachte] d.d. 31 maart 2016, (…), voor zover inhoudende het relaas van verbalisant [verbalisant 1] :
omschrijving”, heb ik de inkomsten en uitgaven op de bankrekeningen gerubriceerd naar soort inkomsten en soort uitgaven. De aldus verkregen gerubriceerde informatie heb ik in totaaloverzichten als bijlagen aan voornoemd proces-verbaal toegevoegd.
omschrijving”, de
bijschrijvingenop de bankrekeningen gerubriceerd naar het soort inkomsten. De aldus verkregen gerubriceerde informatie heb ik in totaaloverzichten als bijlagen aan voornoemd proces-verbaal toegevoegd.
JaarBedrag in euro’s
totaal197.078,92
[002] 21-09-2015
[betrokkene 1]
Onderzoek BMW M5 sedan kenteken [kenteken 1]
BMW 5ER Reihe 5301 Touring aut met kenteken [kenteken 2]
Mercedes-Benz C200 CDI met kenteken [kenteken 3]
Opel Vectra-B met kenteken [kenteken 4]
Opel Vectra met kenteken [kenteken 10]
Volkswagen Caddy SDI met kenteken [kenteken 5]
Audi A8 Quattro met kenteken [kenteken 6]
Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 7]
€ 197.078,92meer hebben uitgegeven dan dat er vanuit de legale inkomsten beschikbaar was voor uitgaven. Deze feiten en omstandigheden rechtvaardigen derhalve het vermoeden dat het niet anders kan zijn dan dat deze uitgaven (ook voor het meerdere van € 8.600) uit enig misdrijf afkomstig zijn. Bij deze stand van zaken mag van de verdachte worden verlangd dat hij een concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring geeft voor de herkomst van het geld.
(het hof begrijpt: gemiddeld op jaarlijkse basis)€ 2.000 aan giften heeft gegeven “in de vorm van materiële zaken maar ook in contanten”.
€ 3.240.
€ 4.542,02in zijn geheel van de kasopstelling schrappen.
Bespreking van het tweede middel
tweedemiddel bevat de klacht dat ’s hofs afwijzing van het verzoek de getuige [betrokkene 21] te horen niet (zonder meer) begrijpelijk is, althans onvoldoende met redenen is omkleed, gelet op hetgeen door en namens de verdachte aan dat verzoek ten grondslag is gelegd. Door de stellers van het middel wordt erop gewezen dat is aangevoerd dat de verdachte legale inkomsten uit zijn werkzaamheden heeft genoten en dat de getuige dat kan bevestigen. Hij zou over de inkomsten van de verdachte en over de contante wijze waarop deze inkomsten werden verkregen kunnen verklaren omdat de getuige in het kader van een fiscale procedure informatie over deze onderwerpen heeft verkregen. Gelet daarop zou het oordeel van het hof dat de getuige ‘niet uit eigen waarneming en wetenschap kan verklaren over
daadwerkelijkverrichte legitieme werkzaamheden waarmee de verdachte een legale inkomstenbron zou hebben gegenereerd’, niet zonder meer begrijpelijk zijn. Voorts zou het hof met de afwijzing van het verzoek tot het horen van de getuige ook te ver vooruit zijn gelopen op hetgeen hij zou kunnen verklaren. Ten slotte wordt aangevoerd dat het hof niet heeft nagegaan of, gegeven het ontbreken van de mogelijkheid om deze getuige te (doen) ondervragen, de procedure als geheel nog voldoet aan het door artikel 6 EVRM Pro gewaarborgde recht op een eerlijk proces.
IV. Feit 5: witwassen
Voorwaardelijk verzoek tot het horen als getuige van [betrokkene 21]
Beoordeling van de ‘overall fairness’ van de procedure
Bespreking van het derde middel
derdemiddel richt zich tegen de onttrekking aan het verkeer van een zakje met de omschrijving ‘gripzakken in zak opschr. 300 gr’ (nummer 9 op de beslaglijst), twee scharen met de omschrijving ‘kleine scharen met hennephars’ (nummer 11) en een zakje met de omschrijving ‘inh. hennepzkn/compostzkn/handschoene’ (nummer 14). Het middel bevat de klachten dat niet zonder meer valt in te zien dat het ongecontroleerde bezit van deze goederen in strijd is met de wet of het algemene belang en dat het hof ten onrechte de artikelen 36b t/m 36d Sr niet heeft genoemd bij de toepasselijke wettelijke artikelen.
Beslag
BESLISSING:
onttrekking aan het verkeervan de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten de op de beslaglijst onder 9 tot en met 12 en 14 genoemde inbeslaggenomen voorwerpen.’