Conclusie
cursief). De verdachte is daardoor evenmin geschaad in de verdediging.
De revolver die ik bij me had, bevatte geen kogels.”
.
kent veel mensen die ik niet ken.(...) [verdachte] is een wraakzuchtige man. [verdachte] kan zelf niet veel doen, maar betaalt wel om hetgeen hij wil gedaan te krijgen.(...) Nu dat ik de waarheid heb verklaard, ben ik niet meer veilig. Ik wil weten wat er gaat gebeuren."
Het eerste middel
NJ2009/494, m.nt. Reijntjes als voorbeeld HR 10 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7314,
NJ2003/633, waarin partieel werd vrijgesproken van de plaatsaanduiding “aan de Groene Hilledijk”. [8] In de tenlastelegging bleef over dat het feit te Rotterdam was gepleegd, hetgeen door de Hoge Raad werd toegestaan. Daarbij werd in aanmerking genomen de omstandigheid dat bij de verdachte geen onduidelijkheid had bestaan omtrent hetgeen hem werd verweten, met name inzake de plaats waar de verweten gedraging zich had voorgedaan.
inde maand februari 2017” verbeterd gelezen als “op tijdstippen in of
omstreeksde maand februari 2017”. Het Hof heeft de tenlastelegging zo opgevat dat door de steller van de tenlastelegging bedoeld is de uitlokkingshandelingen ten aanzien van de uiteindelijk op 5 februari 2017 uitgevoerde moord op [slachtoffer] op zodanige wijze ten laste te leggen dat daarmee tot uitdrukking komt dat die handelingen zijn te situeren in een periode die betrekkelijk kort voor de pleegdatum is gelegen, maar mogelijk al in de maand januari een aanvang hebben genomen.