Conclusie
1.Inleiding
2.De feiten en het geding in feitelijke instanties
De feiten
3.Het geding in cassatie
4.Het Verdrag
international traffic’ inartikel 3, lid 1, onderdeel e, OESO-Modelverdrag 2008. Er zijn verder ten aanzien van artikel 3, lid 1, onderdeel g, en artikel 15, lid 3, van het Verdrag geen nadere afspraken gemaakt in het protocol bij het Verdrag op grond waarvan zou worden afgeweken van de tekst van het OESO-Modelverdrag.
BNB1992/379 [14] en HR
BNB2017/188 [15] – welke ook worden aangehaald door het Hof in r.o. 5.3 – volgt dat het commentaar bij het OESO-Modelverdrag van grote betekenis is bij de uitlegging van een bepaling van een belastingverdrag dat op de leest van het OESO-Modelverdrag is geschoeid. Gelet op wat ik hierboven heb besproken, komt voor de uitlegging van de bepalingen uit het Verdrag dan ook grote betekenis toe aan het OESO-commentaar.
Uitlegging van het begrip ‘in het internationaal verkeer exploiteren’ in artikel 15, lid 3, van het Verdrag
lex specialisvan artikel 15, lid 1 en 2, van het Verdrag. [22] Zonder deze bepaling zouden bemanningsleden van een schip en hun werkgevers voor de bepaling van de heffingsbevoegdheid met betrekking tot de arbeidsinkomsten nauwkeurig moeten bijhouden binnen welke landsgrenzen zij hun werkzaamheden uitoefenen. [23] Gezien de mobiliteit van het werk van bemanningsleden van een schip is het lastig om dit te bepalen. [24] Om die reden is vanuit een praktisch oogpunt artikel 15, lid 3, van het Verdrag opgenomen.
Klaus Vogel on Double Taxation Conventionswordt het volgende opgemerkt over de achtergrond van artikel 15, lid 3, OESO-Modelverdrag: [25]
Klaus Vogel on Double Taxation Conventionswordt verder nog het volgende opgemerkt over het begrip ‘vervoer’ uit artikel 3, lid 1, onderdeel e, OESO-Modelverdrag: [27]
transportationactivities.
Klaus Vogel on Double Taxation Conventionsis ook nog het volgende vermeld ten aanzien van het begrip ‘exploitatie’ uit artikel 8 van Pro het OESO-Modelverdrag: [32]
6.Beoordeling van de tweede klacht
drijven’dan wel ‘
runnen om er winst mee te maken’. Ook wordt hier de term ‘
uitbaten’wel gebruikt.
profits from activities’als bedoeld in de toelichting op artikel 8, lid 1, van het OESO-Modelverdrag en staan ook in een te ver verwijderd verband met het resultaat behaald met commerciële vervoersactiviteiten als bedoeld in artikel 8, lid 1, van het Verdrag. Daarmee is geen sprake van voordelen behaald met exploitatie in het internationaal verkeer.
7.Beoordeling van de eerste klacht
BNB2000/343 volgt dat bij een beroep op het vertrouwensbeginsel slechts de omstandigheden die zich voordoen in de verhouding tussen de inspecteur en de betrokken belastingplichtige, en die bij de belastingplichtige de indruk hebben kunnen wekken dat een door de inspecteur gevolgde gedragslijn berust op een weloverwogen standpuntbepaling, van belang zijn. [35] Dit brengt mee dat een belastingplichtige zich in beginsel niet met vrucht kan beroepen op het optreden van een inspecteur ten aanzien van een of meer andere belastingplichtigen.