Conclusie
Nummer20/04273
Inleiding
Het eerste middel
Bevel ademanalyse om 21:52 uur.
zat, kwam de politie en ik ben toen door de politie aangehouden. Ik was op dat moment documenten aan het invullen voor mijn werk.
Het tweede middel
Ongeldig verklaard rijbewijs
zat, kwam de politie en ik ben toen door de politie aangehouden. Ik wist op 8 juni 2019 dat mijn rijbewijs categorie B ongeldig was verklaard en aan mij is na de ongeldig verklaring van mijn rijbewijs geen nieuw rijbewijs afgegeven.”
bijvoorbeeld(cursivering DP) blijken uit een mededeling van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (hierna: CBR) aan de houder van het rijbewijs, waarin het besluit is weergegeven, alsmede uit een aantekening waaruit blijkt dat, wanneer en op welke wijze verzending van die mededeling aan de houder van het rijbewijs heeft plaatsgevonden. De steller van het middel gaat er terecht van uit dat het hof een dergelijke mededeling en aantekening niet voor het bewijs heeft gebruikt, maar dat wil nog niet zeggen dat het hof ten onrechte tot een bewezenverklaring van het rijden met een ongeldig rijbewijs is gekomen. Immers, nu uit de voor het bewijs gebruikte RDW-gegevens kan worden afgeleid dat het rijbewijs van de verdachte op 4 maart 1999 door het CBR ongeldig is verklaard en dat die ongeldigheid volgens gegevens van het Centraal Rijbewijzenregister op 11 maart 1999 van kracht is geworden, terwijl uit bewijsmiddel 5 blijkt dat de verdachte wist dat zijn rijbewijs op 8 juni 2019 ongeldig was verklaard, heeft het hof naar mijn oordeel uit de bewijsmiddelen kunnen afleiden dat het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs aan de verdachte is bekendgemaakt en dat een periode van zeven dagen na die bekendmaking is verstreken.