Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
“witwassen”veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van honderdtachtig uren, subsidiair negentig dagen hechtenis. Bovendien heeft het hof verbeurdverklaard de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten (1) één personenauto, Volkswagen Phaeton met kenteken [kenteken 1] en (2) een geldbedrag van € 22.000,-.
middelkeert zich met twee deelklachten tegen de motivering van de verbeurdverklaring van het inbeslaggenomen geldbedrag van € 22.000,-.
(vooruit)betaling” leidt de steller van het middel vervolgens af dat er ten aanzien van de graafmachine een rechtsgeldige (koop)overeenkomst tot stand was gekomen en dat daarmee het aankoopbedrag voor de graafmachine aan [A] B.V. toebehoort en niet aan de verdachte.
als geldelijk voorwerp waarmee het bewezenverklaarde is begaan.” Dat het hof € 22.000,- heeft verbeurdverklaard is dan ook niet begrijpelijk, aldus de steller van het middel.
“dat het geldbedrag toebehoort aan een persoon die het gebruik van dat geldbedrag in verband met het bewezenverklaarde redelijkerwijze had kunnen vermoeden.”Met andere woorden, de politierechter heeft geoordeeld dat het geldbedrag toebehoort aan [A] B.V., die aan te merken valt als een zogenoemde ‘derde te kwader trouw’ als bedoeld in artikel 33a lid 2 onder a Sr.
“standpunt van de verdachte luidt dat de verbeurdverklaarde € 22.000,- niet (meer) aan hem toebehoorde”, merk ik op dat uit het proces-verbaal van de zitting van het hof, noch uit de pleitnotities, blijkt dat door of namens de verdachte tegen de gevorderde verbeurdverklaring in het bijzonder verweer is gevoerd. Evenmin is aangevoerd dat de verbeurdverklaarde voorwerpen niet aan de verdachte toebehoorden. Het hof was derhalve niet gehouden tot een nadere motivering. In cassatie kan bovendien niet voor het eerst een beroep worden gedaan op feiten en omstandigheden waaromtrent het hof niets heeft vastgesteld. [4]
niet(zouden) toebehoren als bedoeld in artikel 33a Sr treft hem immers niet in zijn vermogen. [7] Zonder nadere toelichting vermag ik in elk geval niet in te zien dat de verdachte door de verbeurdverklaring van dit bedrag “
dubbelwordt getroffen in zijn vermogen” (onderstreping mijnerzijds).