Conclusie
Nummer19/00848
Het cassatieberoep
Tenlastelegging, bewezenverklaring en bewijsvoering
[betrokkene 5]:
[betrokkene 1], werknemer (…).
[betrokkene 1], werknemer (…).
[betrokkene 2], werknemer (…).
[betrokkene 3], werknemer (…).
[betrokkene 2]:
[betrokkene 2]:
[betrokkene 1]:
[betrokkene 3]:
verdachte, afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg van 23 en 26 september 2016.
verdachte, afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 17 september 2018.
De middelen
eerstemiddel komt op tegen de bewezenverklaring onder 3, met de klacht dat de vrijspraak van het ten laste gelegde onderdeel “(,terwijl er meer uren werden/zijn gewerkt)” met zich brengt dat ofwel sprake is van grondslagverlating, ofwel de bewezenverklaring voor het overige onbegrijpelijk is in het licht van de voor het bewijs gebezigde bewijsmiddelen.
tweedemiddel behelst de klacht dat uit de gebezigde bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat sprake is van valsheid, althans dat het hof is afgeweken van een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt van de verdediging strekkende tot vrijspraak van het onder 3 ten laste gelegde zonder in het bijzonder de redenen te hebben opgegeven die tot die afwijking hebben geleid.
De arbeidsovereenkomsten
een 38-urige werkweek (terwijl er meer uren werden/zijn gewerkt)”. Het gebruik ervan bestond in het overleggen van deze overeenkomsten aan de UWV (en de IND).
inherentde mogelijkheid dat in een kalenderjaar meer uren zouden worden gewerkt dan de gemiddeld 38 uren die als normale werktijd waren vermeld. Dat er meer uren zouden worden gewerkt maakt de overeenkomsten dus allesbehalve
vals.
derdemiddel bevat de klacht dat het hof niet de redenen heeft opgegeven waarom het is afgeweken van een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt dat de verdachte geen opzet heeft gehad op de valsheid van de arbeidsovereenkomsten.
De arbeidsovereenkomsten
opzettelijkheeft gehandeld betekent dit dat cliënte reeds op het moment waarop de contracten werden getekend moet hebben beseft dat de “
normale arbeidstijd' meer dan 38 uur per week zou zijn - althans dat daar een aanmerkelijke kans op was. Dat lijkt niet het geval te zijn omdat zij er nu juist van uitging dat de tijd die de masseurs op klanten zaten te wachten als pauze dienden te worden aangemerkt en dat de normale werktijden om die reden
gemiddeldniet op meer dan 38 uur per week zouden uitkomen, afgezien van het overwerk op de vrije dag wat evenwel niet verplicht was, terwijl dat overwerk op zichzelf ook was toegestaan volgens de CAO. Het overeenkomen van 38 uur als gemiddelde (en dus gegarandeerde) arbeidstijd sluit zoals gezegd niet uit dat er bovendien overwerk kan worden opgedragen, zelfs verplicht.
vierdemiddel bevat de klacht dat het hof niet heeft vermeld in welke mate de door het hof geconstateerde overschrijding van de redelijke termijn heeft geleid tot vermindering van de gevangenisstraf.
strafoplegging