Conclusie
eerste middelklaagt over de motivering van de verwerping van het verweer dat sprake is van dubbele vervolging omdat het (Bossche) hof heeft overwogen dat uit het arrest van het Hof van Assisen niet blijkt dat rekening is gehouden met de in Nederland gepleegde strafbare feiten.
Onwenselijke dubbele vervolging
eerste middelfaalt.
tweede middelklaagt over de verwerping van een straftoemetingsverweer voor zover dit inhoudt dat “het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf achterwege moet worden gelaten nu een dergelijke straf in concreto betekent dat verdachte geen perspectief op vrijlating wordt geboden” (p. 7 van de schriftuur).