Conclusie
“Poging tot diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen”en
“medeplegen van opzetheling”veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van dertig maanden, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft het hof het tegen de verdachte verleende bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven met ingang van het tijdstip waarop de duur van de ondergane voorlopige hechtenis gelijk zou worden aan de duur van de tenuitvoerlegging van de onvoorwaardelijk opgelegde vrijheidsstraf. Verder heeft het hof de vorderingen van de benadeelde partijen gedeeltelijk toegewezen en aan de verdachte schadevergoedingsmaatregelen opgelegd, een en ander als vermeld in het bestreden arrest. Ten slotte heeft het hof de tenuitvoerlegging gelast van de eerder aan de verdachte door de rechtbank Roermond voorwaardelijk opgelegde jeugddetentie voor de duur van zes maanden.
eerste middelklaagt dat het onder 2 bewezenverklaarde medeplegen van opzetheling niet uit ’s hofs bewijsvoering kan volgen.
“Ten aanzien van feit 2
verklaring van aangever [betrokkene 1],zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van bevindingen(met bijlagen) d.d. 30 mei 2012, dossierpagina's 63 tot en met 66, voor zover inhoudende als relaas van bevindingen en eigen waarnemingen van de
verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2],zakelijk weergegeven:
(het hof begrijpt: verdachten [verdachte] en [betrokkene 2]).Ter hoogte van de kerk in Altweerterheide sprak ik met [betrokkene 3]. Deze verklaarde dat hij die ochtend twee jongens op een brommer had gezien en gehoord; deze brommer sloeg volgens [betrokkene 3] vanuit de Bocholterweg linksaf de Zoomweg in. Wij verbalisanten troffen op het einde van de Zoomweg een vervallen boerenschuur aan. Ik, [verbalisant 1], liep via de openstaande deur de schuur in. Ik, [verbalisant 1], zag dat er in het midden in de vervallen schuur een scooter zonder kentekenplaten tegen een hek aan geparkeerd stond. Ik, [verbalisant 1], zag dat er net voor de scooter een blauwe spijkerbroek en een zwart t-shirt met motief op een in de schuur aanwezig hek hingen. Ik, [verbalisant 1] zag dat er aan de onderzijde van het hekwerk een gele muts en een deel van een vuurwapen lag.
verklaring van aangever [betrokkene 1],zakelijk weergegeven:
verklaring van verdachte [betrokkene 2],zakelijk weergegeven:
Ten aanzien van feit 1 en 2
verklaring van verdachte [betrokkene 2],zakelijk weergegeven:
tweede middelklaagt over ’s hofs last tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van 24 augustus 2012 opgelegde voorwaardelijke jeugddetentie.
derde middelklaagt dat de redelijke termijn, te weten de inzendtermijn, als bedoeld in art. 6 EVRM Pro is overschreden.