Conclusie
middelbehelst twee klachten. De eerste klacht houdt in dat het hof het slachtoffer ten onrechte niet als getuige heeft beëdigd. De tweede klacht houdt in dat het hof het beroep op noodweerexces onvoldoende gemotiveerd heeft verworpen.
23jaar
Hoewel aan de inhoud van de voorgelezen verklaring bruikbaarheid voor de beantwoording van de in art. 350 Sv Pro vermelde vragen moet worden ontzegd [onderstreping AG],heeft het Hof deze bij de motivering van de opgelegde straf betrokken. In aanmerking genomen dat het Hof aan de inhoud van deze verklaring slechts een zeer beperkt gewicht heeft toegekend, dat niet verder gaat dan een accentuering van het beeld dat reeds uit het dossier was verkregen, terwijl de verdediging de gelegenheid heeft gehad tegen de door M. afgelegde verklaring in te brengen wat zij geraden achtte, komt aan het gebruik daarvan in de strafmotivering een zodanig ondergeschikte betekenis toe, dat dit niet tot cassatie behoeft te leiden.’ [9]