ECLI:NL:PHR:2013:CA3733
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep tegen plan van toedeling in ruilverkaveling Baarderadeel
Eisers tot cassatie hebben bezwaar gemaakt tegen het plan van toedeling in de ruilverkaveling Baarderadeel, stellende dat het plan een achteruitgang voor hun agrarisch bedrijf betekent en in strijd is met de richtlijnen voor toedeling. De rechtbank Leeuwarden heeft het bezwaar deels gegrond verklaard door het plan aan te passen volgens een alternatief van de Landinrichtingscommissie, waarna de overige bezwaren werden afgewezen.
Tegen dit vonnis is cassatieberoep ingesteld. De Landinrichtingscommissie heeft primair niet-ontvankelijkheid bepleit, omdat op grond van de Landinrichtingswet tegen uitspraken omtrent bezwaren tegen het plan van toedeling geen rechtsmiddelen openstaan, behoudens cassatie in het belang der wet. De Hoge Raad toetst of het beroep ontvankelijk is op grond van erkende doorbrekingsgronden.
De Hoge Raad stelt vast dat in de cassatiedagvaarding noch in de middelen een beroep op een doorbrekingsgrond wordt gedaan. Klachten over onjuiste rechtsopvatting, motiveringsgebreken of feitelijke vaststellingen zijn geen geldige doorbrekingsgronden. Daarom wordt het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard.
Deze uitspraak bevestigt de restrictieve toepassing van het rechtsmiddelenverbod in ruilverkavelingszaken en benadrukt het belang van het tijdig en adequaat aanvoeren van doorbrekingsgronden om ontvankelijkheid in cassatie te verkrijgen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een geldige doorbrekingsgrond voor het rechtsmiddelenverbod.