ECLI:NL:PHR:2012:BY2839
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking inzake beklag tegen beslag in strafrechtelijk financieel onderzoek
In deze zaak is een beklagprocedure gevoerd tegen de inbeslagname van diverse goederen in het kader van een strafrechtelijk financieel onderzoek (sfo) tegen de eigenaar van klaagster. De rechtbank verklaarde het klaagschrift tot teruggave van de goederen ongegrond, waarbij zij zich baseerde op de controlebevoegdheid van de rechter-commissaris en het lopende onderzoek.
De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank ten onrechte niet de juiste maatstaf heeft toegepast bij de beoordeling van het beklag, namelijk of er een verdenking bestond voor een misdrijf dat een geldboete van de vijfde categorie kan opleveren en of het onwaarschijnlijk is dat een geldboete of ontnemingsmaatregel zal volgen. Tevens heeft de rechtbank onterecht de beslissingen van de rechter-commissaris betrokken bij haar oordeel over het beklag.
Daarnaast is vastgesteld dat klaagster en de rechtbank ten onrechte zijn onthouden van processtukken die relevant zijn voor het onderzoek, hetgeen een wezenlijke inbreuk op de beginselen van een behoorlijke procesorde vormt. Het beroep op artikel 6 EVRM Pro faalt omdat deze procedure geen burgerrechtelijke rechten vaststelt.
De Hoge Raad vernietigt daarom de bestreden beschikking en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor een nieuwe behandeling van het beklag op juiste gronden en met inachtneming van het recht op kennisneming van processtukken.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling van het beklag tegen beslaglegging.