ECLI:NL:PHR:2012:BX5510
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over beklag en vernietiging van digitale gegevens na doorzoeking
In deze zaak ging het om het beklag van klager tegen de kennisneming en het gebruik van digitale gegevens die tijdens een doorzoeking waren gekopieerd van externe harde schijven en om de vernietiging van die gegevens. Klager verzocht om vernietiging van alle gegevens die niet relevant waren voor het strafrechtelijk onderzoek en teruggave van inbeslaggenomen dossiers.
De rechtbank verklaarde het beklag ongegrond omdat het onderzoek nog gaande was en nog niet kon worden vastgesteld welke gegevens irrelevant waren. De Hoge Raad bevestigt dat art. 552a Sv geen beklagmogelijkheid biedt tegen het gebruik van informatie die is ontleend aan inbeslaggenomen voorwerpen, zoals de harde schijven, tenzij deze gegevens zijn vastgelegd tijdens een doorzoeking in een geautomatiseerd werk.
Voor de gegevens die tijdens de doorzoeking zijn vastgelegd, geldt de maatstaf van art. 125n Sv: vernietiging zodra blijkt dat de gegevens van geen betekenis zijn voor het onderzoek. De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank deze maatstaf correct heeft toegepast en dat het belang van klager bij vernietiging is meegewogen. Het cassatieberoep wordt verworpen voor zover het betrekking heeft op vastgelegde gegevens en niet-ontvankelijk verklaard voor gegevens afkomstig van inbeslaggenomen gegevensdragers.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep voor zover het betrekking heeft op vastgelegde gegevens en verklaart klager niet ontvankelijk voor gegevens afkomstig van inbeslaggenomen gegevensdragers.