ECLI:NL:PHR:2011:BQ8880
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling voor moord met voorbedachte raad in Hengelo
Op 28 en 29 september 2004 overleed het slachtoffer in Hengelo na gewelddadige handelingen door de verdachte. Het hof Arnhem stelde vast dat verdachte het slachtoffer met kracht tegen het gezicht had gestompt en geslagen, en andere gewelddadige handelingen had verricht, waardoor het slachtoffer overleed. De doodsoorzaak was zuurstoftekort door smoren, niet direct door de letsels aan hoofd en hals.
De verdachte voerde aan dat het slachtoffer van de trap was gevallen, maar dit werd door het hof als ongeloofwaardig verworpen. Diverse getuigenissen, het bloedspoorpatroononderzoek en deskundigenrapporten ondersteunden de conclusie dat verdachte het slachtoffer met opzet en na kalm beraad had gedood. Het hof achtte bewezen dat verdachte tijd had gehad zich te beraden, waarmee sprake was van voorbedachte raad.
De advocaat-generaal concludeerde dat het cassatiemiddel faalde omdat het hof de motivering van de bewezenverklaring voldoende had onderbouwd. De Hoge Raad volgde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep, waarmee de veroordeling tot 13 jaar en 4 maanden gevangenisstraf definitief bleef staan.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bekrachtigde de veroordeling van verdachte tot 13 jaar en 4 maanden gevangenisstraf voor moord met voorbedachte raad.