ECLI:NL:PHR:2011:BQ6105
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt veroordeling wegens onvoldoende bewijs van wetenschap bij steunfraude
Verzoekster werd door het gerechtshof Arnhem veroordeeld wegens het meermalen opzettelijk voordeel trekken uit steunfraude, waarbij zij samen met [betrokkene 1] een gezamenlijke huishouding zou voeren en gebruik maakte van goederen bekostigd uit diens frauduleus verkregen uitkering.
Ter terechtzitting verklaarde verzoekster dat zij en [betrokkene 1] geen gemeenschappelijke huishouding voerden, geen gezamenlijke goederen hadden aangeschaft van de uitkering en dat zij niet wist dat [betrokkene 1] de uitkering door valsheid in geschrift had verkregen. Zij gaf toe op een schoolformulier een onjuiste gezinssamenstelling te hebben vermeld uit schaamte.
Het hof baseerde de bewezenverklaring op verklaringen, politierapporten en een uitgebreid relaas van de sociale recherche, maar er was geen overtuigend bewijs dat verzoekster op de hoogte was van de frauduleuze aard van de uitkering.
De Advocaat-Generaal concludeerde dat het middel van cassatie gegrond is omdat niet kan worden vastgesteld dat verzoekster wist dat zij voordeel trok uit door valsheid in geschrift verkregen geld. De zaak wordt vernietigd en terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof Arnhem wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van wetenschap en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.