ECLI:NL:PHR:2010:BL3262
Parket bij de Hoge Raad
- J. Spier
- Rechtspraak.nl
Geen aansprakelijkheid van de Staat voor schade door vuurwerkramp Enschede wegens ontbreken van kennelijke zorgplichtschending
In deze zaak vorderen verzekeraars namens Grolschbedrijven schadevergoeding van de Staat wegens de vuurwerkramp in Enschede. Zij stellen dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld door onvoldoende regelgeving, toezicht en handhaving rondom opslag en classificatie van vuurwerk.
De Hoge Raad bespreekt uitgebreid de feiten, waaronder eerdere explosies zoals de vuurwerkexplosie in Culemborg in 1991, en de problematiek van vuurwerkclassificatie en opslag. Uit rapporten en onderzoeken blijkt dat de Staat niet op de hoogte was van een zodanig risico dat hij verplicht was effectieve maatregelen te treffen om de ramp te voorkomen.
De Raad benadrukt dat het Nederlandse veiligheidsbeleid gebaseerd is op een effect- en risicobenadering waarbij niet elk risico volledig kan worden uitgesloten. De Staat heeft voldaan aan zijn zorgplicht door het hanteren van vergunningenstelsels en veiligheidsvoorschriften gebaseerd op deskundigenadviezen.
De klachten van verzekeraars over vermeende kennis van moedwillige foute classificaties en onvoldoende toezicht worden verworpen wegens gebrek aan concrete feiten en bewijs. De Staat wordt niet aansprakelijk gehouden voor de schade omdat de risico's die zich hebben verwezenlijkt niet aan hem toe te rekenen zijn.
De Hoge Raad bevestigt daarmee het oordeel van het hof dat de Staat niet aansprakelijk is voor de door verzekeraars gevorderde schadevergoeding.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de Staat niet aansprakelijk is voor de schade door de vuurwerkramp in Enschede wegens ontbreken van een onrechtmatige overheidsdaad.