ECLI:NL:PHR:2009:BG4944
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens niet-beantwoording draagkrachtverweer in ontnemingsprocedure
De zaak betreft een ontnemingsvordering van wederrechtelijk verkregen voordeel van €45.700,- opgelegd door het Gerechtshof te 's-Gravenhage. De veroordeelde stelde onder meer een draagkrachtverweer in, stellende dat hij geen vermogen meer heeft en ook in de toekomst niet zal beschikken over voldoende draagkracht om het bedrag te voldoen.
Het hof heeft dit verweer echter niet gemotiveerd behandeld, wat volgens de Hoge Raad niet voldoet aan de vereisten van art. 359 lid 8 Sv Pro. Daarnaast behandelde het hof andere verweren, zoals het gelijkheidsbeginsel en de redelijke termijn, waarbij het oordeel van het hof niet onbegrijpelijk werd bevonden.
De Hoge Raad oordeelt dat het verzuim van het hof om op het draagkrachtverweer te reageren niet kan worden getolereerd en leidt tot nietigheid van het bestreden arrest voor zover het de betalingsverplichting betreft. De zaak wordt daarom terugverwezen voor hernieuwde behandeling van dat onderdeel, terwijl het overige beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor het onderdeel betalingsverplichting en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.