ECLI:NL:PHR:2007:AZ2656
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen tot nietigverklaring en schadevergoeding wegens dwang, bedrog en wanprestatie in Antilliaanse bankzaak
Deze zaak betreft een cassatieberoep van Marielle Investments N.V., een Curaçaose trustmaatschappij, tegen ING Bank en ING Trust. Marielle vorderde nietigverklaring van een met ING Bank gesloten Unified Settlement Agreement (USA) wegens dwang, bedrog en/of dwaling, alsmede schadevergoeding en het doen van rekening en verantwoording van ING Bank en ING Trust wegens vermeende malversaties en onbehoorlijke taakvervulling.
De feiten betreffen een offshore-vennootschap Marielle, bestuurd door ING Trust als statutair directeur en feitelijk door een Braziliaanse zakenman met een algemene volmacht. Marielle stelde dat ING Bank onjuiste informatie gaf en onbevoegd betalingen verrichtte, terwijl ING Trust tekortschiet in haar bestuurstaken. Het Hof verwierp deze stellingen wegens gebrek aan bewijs en bevestigde dat de USA finale kwijting verleent.
In cassatie klaagde Marielle over het oordeel dat ING Trust niet rekenplichtig was en dat geen ernstig verwijt kon worden gemaakt. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof de omstandigheden juist heeft gewogen, waaronder de feitelijke leiding door de principaal en het ontbreken van bewijs voor wanprestatie of onrechtmatig bestuur door ING Trust.
De Hoge Raad verwierp de cassatieklachten en bevestigde de afwijzing van de vorderingen tot nietigverklaring, schadevergoeding en rekening en verantwoording. De finale kwijting uit de USA blijft van kracht, en ING Trust wordt niet aansprakelijk gehouden.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de afwijzing van de vorderingen van Marielle tegen ING Bank en ING Trust wegens onvoldoende bewijs van dwang, bedrog, wanprestatie en ernstig verwijt.