ECLI:NL:PHR:2006:AV0641
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatigheid van buitenlandse kansspelaanbieders zonder vergunning jegens Nederlandse vergunninghouder
Deze zaak betreft een geschil tussen buitenlandse kansspelaanbieders Betfair en Interwetten en de Nederlandse vergunninghouder, de Nationale Sporttotalisator (Lotto). Betfair en Interwetten boden via internet weddenschappen aan Nederlandse ingezetenen aan zonder Nederlandse vergunning, hetgeen door de Lotto werd bestreden.
De voorzieningenrechter van de rechtbank Zutphen had de vordering van de Lotto toegewezen en het hof Arnhem bekrachtigde dit oordeel. Betfair c.s. stelden dat de Wet op de kansspelen (Wok) in strijd is met artikel 49 EG Pro-Verdrag en dat de Lotto geen bescherming geniet tegen concurrentie van niet-vergunninghouders. Het hof oordeelde echter dat de Wok gerechtvaardigde beperkingen bevat ter bescherming van consumenten, fraudebestrijding en het beteugelen van goklust, en dat de beperkingen niet discriminerend zijn.
Het hof stelde vast dat Betfair c.s. zich door het ontbreken van een Nederlandse vergunning een ongeoorloofde voorsprong verschaffen ten opzichte van de Lotto, die aan strengere eisen moet voldoen. Dit handelen is onrechtmatig jegens de Lotto, ook al is het aantal Nederlandse deelnemers aan Betfair c.s. op dat moment beperkt. Het hof verwierp het verweer dat het Nederlandse kansspelbeleid onvoldoende restrictief zou zijn, mede gelet op beleidsmaatregelen omtrent reclamebeperking.
In cassatie werd het oordeel van het hof bevestigd. De Hoge Raad benadrukte dat de kortgedingrechter zich niet hoeft te richten naar voorlopige oordelen in andere zaken en dat de Wok niet buiten toepassing hoeft te worden gelaten. De klachten van Betfair c.s. werden verworpen en het oordeel dat hun handelen onrechtmatig is jegens de Lotto blijft staan.
Uitkomst: Betfair en Interwetten handelen onrechtmatig jegens de Lotto door zonder Nederlandse vergunning kansspelen aan te bieden.