ECLI:NL:PHR:2005:AU4825
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor feitelijke aanranding en schennis van de eerbaarheid binnen familie
De zaak betreft een verdachte die werd beschuldigd van feitelijke aanranding van de eerbaarheid en schennis van de eerbaarheid jegens zijn minderjarige dochter in de periode van 1994 tot 2000. Het hof heeft bewezen verklaard dat verdachte zijn dochter tegen haar wil heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, waaronder het betasten van haar borsten, en dat hij zich meermalen masturbeerde in haar aanwezigheid in een niet openbare plaats, te weten zijn slaapkamer.
De verdediging voerde onder meer aan dat de aanraking van de borst per ongeluk was en ontkende het opzettelijk ontuchtig handelen. Het hof oordeelde echter dat de context en de begeleidende woorden zoals "lekkere tietjes" de aanraking een ontuchtig karakter gaven, en dat verdachte opzettelijk handelde. Ook achtte het hof het onverhoeds betasten van de borsten een feitelijkheid die dwang opleverde, waardoor het slachtoffer niet in staat was zich te verzetten.
Verder werd de wijziging van de tenlastelegging toegelaten omdat de gedragingen een samenhangend feitencomplex vormden, voortvloeiend uit een duurzame seksuele relatie tussen verdachte en slachtoffer. De Hoge Raad bevestigde dat de wijziging toelaatbaar was en dat het hof geen onjuiste maatstaf had gehanteerd. De bewezenverklaring en motivering werden als voldoende en begrijpelijk beoordeeld, en de middelen van cassatie werden verworpen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld voor feitelijke aanranding en schennis van de eerbaarheid met een taakstraf en gedeeltelijke toewijzing van de vordering van de benadeelde partij.