Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
12 maart 2024.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak heeft een advocaten- en notarissenkantoor, verbonden aan een groep bedrijven die worden verdacht van grootschalige fraude in de voedselketen, beroep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank over de toelaatbaarheid van beslag op digitale stukken en gegevens. Het kantoor stelde dat het verschoningsrecht van haar geheimhouders onvoldoende was gewaarborgd na een schifting onder leiding van de rechter-commissaris.
De rechtbank oordeelde dat de filterprocedure, waarbij ruim 800.000 digitale documenten werden gefilterd op basis van een zoektermenlijst, zorgvuldig was uitgevoerd. Hoewel er verschil van inzicht was over de zoektermen, was de procedure niet te beperkt. De stellingen van het kantoor waren onvoldoende geconcretiseerd en berustten op veronderstellingen. Bovendien beschikte het kantoor over haar volledige administratie en had zij de mogelijkheid om haar stellingen te onderbouwen.
De Hoge Raad bevestigt dat de rechtbank voldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat het verschoningsrecht voldoende is gewaarborgd. De Hoge Raad benadrukt dat de beklagrechter de schifting onder leiding van de rechter-commissaris moet toetsen en bij twijfel nadere schifting kan gelasten. Tevens beveelt de Hoge Raad aan dat klachten over hetzelfde onderwerp in één procedure worden behandeld. Het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het beroep en bevestigt dat het verschoningsrecht voldoende is gewaarborgd bij de schifting van digitale beslagen.