Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel in het principale beroep
3.Beslissing
9 juni 2023.
Hoge Raad
In deze zaak stond de verdeling van de gemeenschap na ontbinding van een geregistreerd partnerschap centraal, met name de toedeling van de woning aan een van de partners. De man had cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het hof, terwijl de vrouw een voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep had ingesteld.
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest. Daarbij was het niet nodig om inhoudelijk in te gaan op de vragen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
Het voorwaardelijke incidentele beroep van de vrouw behoeft daarom geen verdere behandeling. De Hoge Raad heeft het principale beroep verworpen en bepaald dat iedere partij haar eigen kosten draagt. De uitspraak bevestigt de uitleg van uitlatingen tijdens de mondelinge behandeling en de toegepaste rechtspraak in familierechtelijke verdelingen na ontbinding van geregistreerd partnerschap.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.