Uitspraak
1.Geding in cassatie
,dan wel op hun nationaliteit.
3.Slotsom
4.Beslissing
9 oktober 2018.
Hoge Raad
De verdachte werd veroordeeld voor het besturen van een bestelbus met een ongeldig verklaard rijbewijs. De politie had hem staande gehouden in het kader van het project "Moelander", waarbij voertuigen met kentekens uit Midden- en Oost-Europa extra werden gecontroleerd.
De verdediging voerde aan dat deze selectie discriminerend was en daarmee onrechtmatig, wat tot bewijsuitsluiting zou moeten leiden. Het hof verwierp dit verweer met het argument dat de controle gericht was op het voertuig en niet op de persoon, en dat het project een brede aanpak betrof.
De Hoge Raad oordeelt echter dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de selectie op kenteken niet indirect leidt tot discriminatie op nationaliteit of afkomst, terwijl zulke maatregelen onder strikte voorwaarden gerechtvaardigd kunnen zijn. Daarom is het oordeel van het hof niet begrijpelijk en wordt het arrest vernietigd.
De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling van het hoger beroep, met inachtneming van de overwegingen over discriminatoire selectie bij verkeerscontroles.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en verwijst zaak terug wegens onvoldoende motivering over discriminatoire selectie bij verkeerscontrole.