ECLI:NL:HR:2013:BX7846
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aansprakelijkheid bank voor gebrekkig beleggingsadvies en schadevergoeding
De zaak betreft een geschil tussen F. van Lanschot Bankiers N.V. en haar cliënten, die stellen dat de bank hen onjuist heeft geadviseerd bij het beleggen van hun vermogen. De cliënten vorderen een verklaring voor recht dat de bank toerekenbaar tekort is geschoten en schadevergoeding.
De feiten betreffen een beleggingsadvies uit 1999 waarbij een groot deel van het vermogen werd belegd in aandelen en onroerend goed fondsen, terwijl de cliënten een aanvulling op hun pensioeninkomen wensten. De cliënten uitten al vroeg bedenkingen over het risicoprofiel, maar volgden het advies. Later ontstonden aanzienlijke verliezen, waarna zij klachten indienden.
De rechtbank wees de vorderingen af wegens rechtsverwerking, maar het hof oordeelde dat de bank aansprakelijk was en dat de cliënten voor 50% eigen schuld droegen. De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof, wijst het beroep van de bank op verjaring af en bevestigt dat de bank haar zorgplicht heeft geschonden door onvoldoende te waarschuwen voor de risico's van het beleggingsadvies.
Het causaal verband tussen het gebrekkige advies en de schade is vastgesteld, waarbij het hof aannam dat bij correct advies slechts 30% van het vermogen in zakelijke waarden zou zijn belegd. De Hoge Raad verwerpt de cassatieklachten en veroordeelt de bank in de kosten.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de bank aansprakelijk is voor gebrekkig beleggingsadvies en veroordeelt haar tot schadevergoeding met een eigen schuld van 50%.