ECLI:NL:HR:2012:BV1523
Hoge Raad
- Cassatie
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- C.A. Streefkerk
- M.A. Loth
- C.E. Drion
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Toepassing Iraaks recht op documentair krediet en verjaring in betalingsgeschil tussen Rasheed Bank en Solvochem
In deze zaak vordert Solvochem betaling van ruim 3,9 miljoen USD van Rasheed Bank wegens niet-nakoming van betalingsverplichtingen uit hoofde van zes onherroepelijke documentaire accreditieven (L/C's) die Rasheed Bank op verzoek van Iraakse kopers heeft geopend. De rechtbank wees de vordering af wegens verjaring op grond van Nederlands recht, maar het hof vernietigde dit en kende een bedrag van circa 3,39 miljoen USD toe.
De Hoge Raad stelt vast dat de L/C's kasaccreditieven zijn en dat de getrokken wissels slechts betalingsbewijs zijn, niet behorend tot de vereiste documenten. De Hoge Raad oordeelt dat de toepasselijkheid van het Geneefs Wisselverdrag op wisselbrieven niet aan de orde is omdat de vordering ziet op nakoming van de L/C-verplichtingen. Volgens het Nederlandse conflictenrecht is Iraaks recht van toepassing omdat de openende bank de kenmerkende prestatie moet verrichten en deze in Irak is gevestigd.
Verder vernietigt de Hoge Raad het oordeel van het hof dat het maximumbedrag van L/C 1 niet was verlaagd, omdat Rasheed Bank dit verweer had gesteld en Solvochem dit niet betwistte. Hierdoor wordt het bedrag van circa 127.000 USD dat het hof ten onrechte had toegekend, alsnog afgewezen. De Hoge Raad veroordeelt Rasheed Bank tot betaling van circa 3,26 miljoen USD plus Iraakse wettelijke rente en bevestigt de kostenveroordeling.
Uitkomst: Rasheed Bank wordt veroordeeld tot betaling van circa 3,26 miljoen USD plus Iraakse wettelijke rente, met afwijzing van het meerdere.